Olie in het paradijs

door Paul de Vries op vrijdag 7 november 2008

El Oriente, Ecuador

Bron: redactie
klik voor een grotere foto
klik voor een grotere foto
klik voor een grotere foto
klik voor een grotere foto
klik voor een grotere foto
klik voor een grotere foto
klik voor een grotere foto
klik voor een grotere foto
klik voor een grotere foto
klik voor een grotere foto
vervuiling olie bos ecuador vogels tropen regenwoud groen tropisch woud

 

Olie in het paradijs

Het oerwoud van Ecuador is geliefd om zijn natuurlijke verscheidenheid, maar is ook een van de smerigste plekken ter wereld. Paul de Vries ontdekt hoe de lokale bevolking de oliemaatschappijen gebruikt om hun land en leefwijze te beschermen.

Een glibberig pad, een groene zweem licht die door dicht bladerdek valt. Hoewel het nog vroeg is en de tropenzon niet op zijn hoogste punt staat, druipt het zweet je al in  de nek. Minuscule bijen, aangetrokken door het zweet, dansen om hen heen. Maar Hugo en Javier - geboren en getogen in het bos - hebben nergens last van. Dan verstart Hugo, de spotter, die voorop loopt. Hij tuurt in de vegetatie, en maant tot behoedzaamheid.  Het is sluipen door het oerwoud, als de G.I.'s in een Vietnamfilm. Maar dit is Zuid-Amerika, het oostelijke regenwoud van Ecuador: de Oriente.

Gids Javier zet de kijker aan zijn ogen. Dan wenkt hij en wijst tussen de bomen door naar een paar zwaaiende takken. Voor Hugo Simbana en Javier Hualinga zijn die bewegende takken genoeg om precies te weten waar de dieren zijn. Na lang turen zijn ze te zien: neusberen. Hun rode vacht contrasteert met de groene schemer , en ze staren net zo intens naar het groepje mensen in het woud.  Dan gaan ze ervandoor, als stofzuigers schooiend in het tapijt van gevallen bladeren.  De neusberen zijn het hoogtepunt van de jungletocht van die ochtend. Elke wandeling door dit Zuid-Amerikaanse regenwoud heeft nieuwe verrassingen: morpho's, knalblauwe vlinders die zo vanuit een sprookje het bos zijn ingefladderd. Een jonge maar giftige fer-de-lance, met z'n venijnige slangenkop, opgekruld op de wortels van een honderden jaren oude woudreus. Doodshoofdaapjes en kapucijnaapjes in de boomkruinen. Sporen van tapirs, capibara's, zelfs van een poema. En vogels natuurlijk, elke dag weer nieuwe soorten, alsof ze in de coulissen wachten tot het hun beurt is zich te tonen. Ara's, toekans, ijsvogels, kolibries, reigers, valken - en Javier kent ze allemaal bij naam. Bij al hun namen. De Engelse, Spaanse en Latijnse naam, en de naam die ze hebben in de taal van de lokale bevolking in de Oriente, het Kichwa. In Ecuador komen meer vogelsoorten voor (circa zestienhonderd) dan in heel Europa en Noord-Amerika bij elkaar.
 Maar ondanks het fluiten van de oropendola's en het verre, schorre geroep van de brulapen, is de Ecuadoriaanse jungle alles behalve onbewoond en onbetreden - en na jaren van oliewinning ook niet ongerept meer.

In het oerwoud drijven  pruttelende duwboten, die bakken voor zich uit stuwen waarop trucks en graafmachines staan. Op weg naar de gaten in het woud waar olie wordt gewonnen. Het is een surrealistisch gezicht, die metalen monsters die langs de beboste oevers glijden. En een grimmige indicatie dat het niet overal in de Oriente zo paradijselijk is. Met name in het noordelijke gedeelte van de Oriente hebben tientallen jaren oliewinning een afschrikwekkende nalatenschap achtergelaten.
Zo erg zelfs, dat het Blacksmith Institute, een organisatie die industriële vervuiling in de Derde Wereld probeert aan te pakken, de Oriente op de eind vorig jaar verschenen lijst van de ‘Dirty Thirty' heeft staan, de dertig smerigste plekken op aarde.

'Tsjernobyl van het rijke Ecuadoriaanse regenwoud'

Het is het soort verhaal waarop Hollywood-films  worden gebaseerd: de nietsontziende multinational die om geld te besparen bij de oliewinning bewust vervuilende technieken en procedures hanteert.
Er komt een rechtszaak (Aguinda vs Chevron-Texaco), die eindeloos wordt getraineerd. Gerommel met wetenschappelijke gegevens. Advocaten van de getroffen bevolking worden geïntimideerd en bedreigd, laptops met belangrijke informatie gestolen. Amnesty International raakt betrokken. Klinkt vergezocht? De slepende rechtszaak tegen de oliegigant begint toch echt de trekken van een filmscript te krijgen, gezien de verwijten die over en weer worden gemaakt.   

Feiten en verwijten in de zaak, die al sinds 1993 loopt en ook bekend staat als het ‘Tsjernobyl van het regenwoud', zijn te vinden op de activistensites  www.texacotoxico.org/eng en www.chevrontoxico.com. Texaco geeft zijn visie (niet de oliewinning  is het probleem, maar de waterzuivering) op www.texaco.com/sitelets/ecuador/en. Een documentaire, waarin de Amerikaanse actrice Daryl Hannah verschijnt, is te downloaden op www.justicianow.org.

Vrolijke vogels en zwart water


De meest genoemde vervuiler van het Ecuadoriaanse oerwoud is Texaco, inmiddels opgegaan in Chevron, dat tot 1992 actief was in de Oriente. Volgens natuurbeschermingsorganisaties heeft de oliereus welbewust miljarden liters verontreinigd afvalwater  laten weglekken en honderden open putten met giftig afval achtergelaten.

Daarnaast wordt Texaco ervan beschuldigd een hoeveelheid olie in het oerwoud te hebben gedumpt die dertig keer groter is dan wat er vrijkwam bij de ramp met de Exxon Valdez voor de kust van Alaska, in 1989. Zo'n miljoen hectare aan regenwoud is vervuild en een bevolking van 30 duizend mensen is sindsdien aangewezen op verontreinigd water. Met desastreuze gevolgen: miskramen, geboorteafwijkingen en een sterk verhoogde kans op kanker. Een rechtszaak van de lokale bevolking tegen Texaco loopt al jaren. De schoonmaakkosten en schadevergoedingen zouden samen op tien miljard dollar kunnen uitkomen. Een uitspraak wordt de komende maanden verwacht. Het is een rare paradox: vanwege de biologische rijkdom maken natuurminnende Europeanen en Noord-Amerikanen graag de reis naar het stroomgebied van de Rio Napo, waar de lokale, indiaanse bevolking ecolodges beheert. Javier en Hugo maken deel uit van de Kichwa-gemeenschap die Sani Lodge runt; een verzameling comfortabele hutten middenin 39 duizend hectare bos, dat beschermd wordt door de Kichwa. Beschermd tegen kap, jacht en oliewinning.

In de serene omgeving van Sani Lodge is van die catastrofale vervuiling in het noorden dan ook genadig weinig te merken. Het water van het Challaluacocha-meer, waar de lodge op uitkijkt, is inktzwart van zichzelf en niet van de olie. En het bruist van het leven.

Peddelend  bij zonsondergang  zien we een kaaiman aan de oppervlakte van het meer. Eerst het puntje van zijn snuit, gevolgd door een getande rugkam van drie meter, een silhouet in het purper en oranje van de schemering. Otters, piranha's en schildpadden glijden door dat donkere water. Ook een rare paradox: de Sani Lodge dankt zijn bestaan aan een oliemaatschappij. Javier vertelt het met trots, terwijl het nachtelijke achtergrondkoor van kikkers, cicaden, kakkerlakken, vleermuizen, uilen en nachtzwaluwen aanzwelt. Het was zijn oom, Orlando Gualinga, die een andere Amerikaanse oliereus, Occidental, trotseerde toen die een pijpleiding over het land van de Sani-gemeenschap wilde trekken. ‘Mijn oom wilde geen geld ter compensatie. Geld is snel op. Hij wilde iets waarmee we vooruit konden, waar de vierhonderd mensen hier structureel van kunnen bestaan', zegt Javier. ‘Dus hij hield zijn poot stijf in de onderhandelingen met de oliemaatschappij. En in de gesprekken met de mensen hier, want velen zagen het geld wel zitten en wilden op het bod ingaan. Uiteindelijk ging Occidental overstag en betaalde en bouwde voor ons de eerste hutten van Sani Lodge.'

Dat was acht jaar geleden. Van het geld dat nu wordt verdiend, gaan kinderen naar school, worden betere huizen gebouwd, en wordt het regenwoud beschermd.

Wat die toeristendollars betekenen voor de mensen in het regenwoud, wordt  duidelijk als Hugo zijn huis laat zien, op weg naar het Yasuni-reservaat op de zuidoever van de Napo. Een lang, open houten huis op palen, met geen ander meubilair dan een hangmat, en twee vertrekken zonder deuren. Ondertussen zijn werklui bezig met een  upgrade van Hugo's huis: een modern toilet, in een betonnen hokje.

Met dank aan Sani Lodge.

Als hun nieuwsgierigheid het heeft gewonnen van hun verlegenheid stromen Hugo's acht kinderen toe. Javier vertelt over zijn  jeugd in het regenwoud; zijn ontmoeting met een jaguar, hoe hij gebeten werd door een tarantula, geprikt door een schorpioen, drie keer gestoken door een pijlstaartrog, en ontelbare keren gebeten door congamieren groter dan een vingerkootje. Hugo's vrouw schenkt chicha, een pap-achtig goedje van gegiste yucca (beter bekend als maniok). Volgens de traditie spuugt de vrouw des huizes tijdens het bereiden een fluim in de chicha. Enzymen in het speeksel bespoedigen het gisten. Javier laat in het midden of ook deze pot op die manier gebrouwen is. De Sani Lodge bereik je door  achterin een pickup-truck  van het walmende frontier-stadje Coca naar de oever van de koffiebruine Napo te rijden, die je vervolgens in een kano urenlang afzakt. Zigzaggend van oever naar oever, zandbanken en half verzonken boomstammen ontwijkend.  De kano stopt geregeld, want hij doet ook dienst als rivierbus voor de mensen die in het bos wonen. Schoolkinderen met Disneyrugzakken en gympies springen op de modderige oever en verdwijnen in de muur van groen.

In het Yasuni-reservaat is de bestemming een kleine observatiehut. Het geeft uitzicht op een onbegroeid stuk roodbruine bosgrond waar een ondiepe geul is uitgesleten. Klokslag negen uur, zoals elke dag, begint de voorstelling: de hoofdrolspelers verzamelen zich in de boomtoppen. Het schelle gekwetter van de papegaaien doet je oren suizen. Tergend langzaam verplaatst de zwerm zich steeds lager, richting de kale grond, beducht op roofdieren.

Eerst landt er één, dan komen er een paar bij, en ineens durft de hele vlucht neer te strijken. De  papegaaien beginnen klei los te schrapen met hun snavels om op te eten. De klei bevat mineralen die giftige stoffen neutraliseren. De vogels krijgen ze binnen met de zaden en noten die ze eten. Bomen hebben die giftige zaden ontwikkeld om te voorkomen dat ze zo maar opgevreten kunnen worden. De papegaaien echter hebben voorlopig het laatste woord in deze ecologische wapenwedloop. Kraaiend doen ze zich tegoed aan het gifzaad, waarbij ze de geul in de keiharde grond die generaties papegaaien voor hen hebben uitgebikt, verder uithollen. Het is een vogelkermis van kleur en geluid. Blauwkoppapegaai zit bij blauwkoppapegaai, grijskopparkiet bij grijskopparkiet. Dan is in de lucht even het silhouet van een grote arend te zien;   de modderetende vogels verdwijnen. Morgen zullen ze terug zijn. De papegaaien van de Oriente hebben een manier gevonden om gif in het regenwoud te neutraliseren. Het is te hopen dat het de mensen in dit groene paradijs ook gaat lukken.

Doen & Laten

  • Reizen
    KLM vliegt direct op Quito, de hoofdstad van Ecuador, en op Guayaquil. Vanuit Quito vlieg je in een half uurt over de Andes naar Puerto Francisco de Orellana, beter bekend als Coca. De meeste lodges kunnen de vlucht naar Coca gelijk met de  boeking  regelen.

  • Ecolodges
    Een greep uit beschikbare eco-lodges in het regenwoud: Sani Lodge (www.sanilodge.com); Yarina Lodge (www.yarinalodge.com); Sacha Lodge (www.sachalodge.com); Napo Wildlife Center (www.napowildlifecenter.com); Yuturi Lodge (www.yuturilodge.com); La Selva Jungle Lodge (www.laselvajunglelodge.com)

  • Voorbereiden
    Bezoekers uit de EU hoeven vooraf geen visum te regelen. Diverse vaccinaties en malariatabletten worden aangeraden.

  • Betalen
    De officiële munt van Ecuador is de Amerikaanse dollar. Pinnen kan in alle grote steden.

  • Regenwoud
    In juli en augustus regent het het meest in de Oriente. September tot en met december zijn de droogste maanden. Maar het blijft regenwoud, dus er kan elke dag een buitje vallen.Meenemen
    Een muggenwerend middel dat tenminste 30 procent deet  bevat. Eventueel kaplaarzen, hoewel de lodges die vaak ter beschikking stellen (grote Europese schoenmaten zijn echter niet altijd voorhanden). En een verrekijker.

  • Vogels
    De field guide-editie van The Birds of Ecuador is een must voor elke vogelaar die naar Ecuador gaat, maar het vuistdikke boek is onpraktisch om mee te zeulen. Tip: Laat  het katern met de illustraties uit het boek halen en opnieuw inbinden. Daarmee zul je de soorten die je tegenkomt kunnen identificeren.

(Foto's: AFP, AP, Getty Images, Paul de Vries)

Reacties

Er zijn nog geen reacties op deze bijdrage.

Schrijf een reactie

plaats reactie

Je bent bij het reisdagboek van:

icon reisredactie
reisredactie heeft 204 artikelen en 1 tip geschreven.
 
Abonneer op nieuwe verhalen via e-mail of rss of stuur reisredactie een bericht.

Vrienden van reisredactie

iconiconiconiconiconicon
iconiconiconiconiconicon
iconiconiconicon

Best gelezen artikelen

Tips voor op reis