Chinatown te pittoresk Brits

door bas_mesters op donderdag 28 juni 2007

Chinatown, Londen, Groot-Brittannie op zaterdag 2 december 2000

Bron: redactie
dorpen en steden bevolking minderheden maatschappij sociaal cultureel infrastructuur ruimtelijke ordening illegalen chinatown massage

 

Wanneer de bezoekers van Chinatown Londen tegen middernacht hun avondeten achter de kiezen hebben, verschijnen de massage-people in Gerrardstreet. Schichtig rondschuifelend duwen ze voorbijgangers een klapstoel in de knieholtes. 'Massage, massage?'


Ze zijn van de nieuwste lichting Chinese migranten, degenen die nog op zoek zijn naar vast werk en verblijf. De massage-rage begon begin dit jaar met een man die - in de hoop wat bij te verdienen - zijn kneedgaven ging verkopen. Binnen enkele maanden had hij concurrentie van tientallen jonge Chinezen, masseurs die voor hun komst naar Engeland niet eens de schouders van hun geliefde hadden losgeklopt.


De klapstoelbrigades tonen openlijk wat de gevestigde orde in Chinatown altijd liever wegstopt in de keukens: de harde overlevingsstrijd van de vele illegale migranten in Chinatown. Daarom is de groep tot een spierpijn veroorzakende plaag verklaard. De gevestigde Chinese migranten hebben een pesthekel aan de nieuwkomers. Ze verstoren de rust op straat en vallen klanten lastig.


De massage-people zijn als slangenmensen. Ze wurmen zich door kieren en gaten de exotische kijkdoos in die Chinatown Londen eigenlijk wil zijn. Hun ogen en angstige bewegingen tonen het meest openlijk de keerzijde van de schone schijn in de etalages.


Nog maar een paar jaar zijn de vier kernstraten van Chinatown netjes op orde, en de straatnaambordjes versierd met Chinese karakters. Nog maar kort staat een heuse pagode op Newportplace. En nog maar enkele jaren beschikt Chinatown over de stereotiepe poorten. Maar dit laagje vernis is flinterdun.


Het gebied is overduidelijk een toeristische trekpleister, in het hartje van Londen, aanleunend tegen de beroemde theaters van Soho. Maar tegelijk is het het ontmoetingspunt voor Chinezen die er het laatste nieuws uitwisselen over werk, over huisvesting en over familie en vrienden die net zijn gearriveerd. Zondagmiddag bevinden zich honderden, zo niet duizend Chinezen in de paar straatjes. Op Newportplace tiert de handel in illegale telefoonkaarten en goedkope sigaretten welig. Men wisselt telefoonnummers van mogelijke werkgevers uit. Studenten bieden zich aan als vertalers van Britse officiële documenten. Vanuit de huizen klinkt het getik van de Ma-Jong stenen, het Chinese equivalent van schaak. In enkele kelders gokken wat ouderen Gamble Ten.


Al is 80 procent van de mensen op straat Chinees, het gebied geeft je niet het gevoel dat je je in China bevindt. Daarvoor ontbeert het de kenmerkende parfum aan etens- en verbrandingsgeuren, zijn de etalages met hun fraai houtsnijwerk te pittoresk Brits, en zitten ze te strak in de verf. Het is boven alles een plek waar Chinezen geld verdienen en zaken doen. Een A-locatie die ze zich konden permitteren, omdat ze de huizen kochten in de jaren zeventig, in een periode dat de huizenprijzen beduidend lager waren dan nu.


Tot die tijd woonden de meeste Londense Chinezen in het Limehouse-gebied, bij de havens in Oost-Londen. De eersten arriveerden in het begin van de negentiende eeuw als zeelui in Engeland. Het waren alleen mannen die van plan waren uiteindelijk met een fortuin weer terug te keren. Rond 1900 waren het er in Engeland in totaal misschien tienduizend.


Getuige krantenknipsels uit het begin van de vorige eeuw waren de Chinezen niet echt populair. Veelvuldig werd gerefereerd aan onlusten en opiummisbruik. Onder de kop 'De verlokking van de gele man; fatal fascination; English girls: moral and psychological suicide' sprak de Evening News schande van het 'samenzijn' van gele mannen en witte vrouwen. 'Het is tijd om een kordon rond dit gebied te leggen en elke witte vrouw te verbieden om deze plek te frequenteren.'


Na de Tweede Wereldoorlog, ten tijde van de dekolonisatie, groeide het aantal Chinezen in Londen snel. Tienduizenden gaven gehoor aan de Britse oproep 'to come to the motherland' om het land na de oorlog weer op te bouwen. De nieuwkomers vonden ondermeer werk in de conservenindustrie en wasserettes en sommigen openden de eerste afhaal-Chinezen. Nadat hun families in Hongkong met het in Londen verdiende geld mooie huizen begonnen te bouwen, vertrokken bijna alle jonge mannen tussen de 20 en 45 jaar uit de new territories, de dorpen die ten prooi vielen aan de snel uitdijende stadstaat Hongkong. Iedereen probeerde het succes van de pioniers te kopiëren.


Vervolgens kwamen Chinezen uit alle windstreken naar Londen. Van de Caraïben na de onafhankelijheid, van Maleisië na de anti-Chinese rassenrellen in 1968. Studenten uit Hongkong kwamen bij gebrek aan hoger onderwijs thuis. In 1973 probeerde de Britse regering de toestroom te beperken met de immigrationact. Maar dat had een averechts effect. Een enorme stroom gezinsherenigers besloot van de laatste kans om Brits te worden gebruik te maken en verruilde Hongkong voor de Engelse steden. In de jaren zeventig kwamen er zo'n honderduizend bij en ook daarna bleven de Chinezen komen, na de overdracht van Hongkong aan China, na de slachting op het Tienanmenplein in Peking en ook nu nog.


Van de 250 duizend Chinezen in Groot-Brittannië is 10 procent afkomstig van het vasteland van China, een kwart geboren in Groot-Brittannië, een kwart afkomstig uit Hongkong, 15 procent uit Maleisiê, 10 uit Vietnam, 5 uit Singapore en 10 procent van elders.


Met de komst van veel Chinese vrouwen naar Londen veranderde de gemeenschap. Men werd met nieuwe problemen geconfronteerd, leefde met grote families in piepkleine kamertjes. De sociale omstandigheden waren belabberd. Mensen spraken geen Engels, wisten niet van kinderbijslag, onderwijs en gezondheidszorg.


Vanaf die periode groeide de economische activiteiten in Chinatown snel. Doordat hele families waren overgekomen, was er behoefte aan huishoudelijk materiaal, groente, vermaak, boek- en later videowinkels. Er verschenen de meer gespecialiseerde Dim Sum-restaurants, eetlokalen waar je de hele dag door kleine versnaperingen en lekkernijen kunt eten. Vaak combinaties van zoet en hartig, waarbij vrijwel alles wat er op deze aarde te vinden is als ingrediënt kan dienen.


Chinatown biedt inmiddels veel meer dan enkel restaurants en afhaal-Chinezen. Tegenover de desperate zelfstandigen met hun klapstoelen staan de Chinese media, banken, verzekeraars en entertainmentindustrie, die in de jaren negentig volwassen werden in Engeland. Maar ook de chique zaak Beijing Tong Ren Tang, waar in notenhouten vitrines de schatten van de Chinese geneeskunst worden aangeboden. Daar legt een hooggeschoolde, uit China gehaalde arts de hand van zijn klant op een fluwelen kussentje. De reuk en de polsslag vertellen hem hoe het staat met de spijsvertering van de cliënt. Terwijl hij op zachte toon de toestand bespreekt, mengen naast hem in de winkel medewerkers zeewier, zeedraak, zeepaard en kikkerdril tot een van de vele medicijnen voor een harmonieus leven.


Buiten op straat lijkt die droom nog ver verwijderd voor veel van de net gearriveerde Chinezen. Families van de 58 in Dover overleden illegalen vragen om opheldering en clementie van de Britse overheid. Ze durven zich niet te melden uit angst te worden gearresteerd vanwege betrokkenheid bij mensensmokkel. In de keukens zwoegen illegalen die de overtocht wel hebben gehaald twaalf uur per dag. Sommigen enkel in ruil voor kost en inwoning.


Al die disharmonie wil maar niet leiden tot gecoördineerde vakbondsactiviteiten tegen de uitbuiting. De wet van de Chinese migrant is simpel, vertelt welzijnswerker Shun Au. Iedereen wil rijk worden. Om dat doel te bereiken moet je accepteren dat je eerst zelf geëxploiteerd wordt door degenen die al langer in Londen zijn. Als je maar genoeg geduld hebt, komt ook jouw tijd om anderen voor jouw rijkdom te laten zwoegen. Dus waarom nu vechten tegen de rijken, als je het straks zelf zult zijn?


En die 58 van Dover? Die zijn dood, zeggen de mensen en ze werken door in de hoop zelf geen problemen te krijgen. Dat lijkt hard, maar volgens advocaat Wah Piow Tan die optreedt namens nabestaanden, hebben de Chinezen in Londen geen keus. 'Ze leven in de schemerzone. Door te zwijgen kunnen ze overleven.'

Reacties

Er zijn nog geen reacties op deze bijdrage.

Schrijf een reactie

plaats reactie

Je bent bij het reisdagboek van:

icon bas_mesters
bas_mesters heeft 2 artikelen geschreven.
 
Abonneer op nieuwe verhalen via e-mail of rss of stuur bas_mesters een bericht.

Best gelezen artikelen

Tips voor op reis