We sjokken door het zand. Haast maken is onmogelijk, al weten we dat dat wel geboden is. Voor het donker is, moeten we een schuilplaats hebben gevonden. We lopen in de richting van de regen die razendsnel dichterbij komt. 'De natuur is groot, de mens is klein', zo klinkt het in elke doffe stap door het stof.
Het dorp van rieten hutten waarheen we op weg zijn, het ons onbekende dorp in een ons onbekende omgeving, is de woonplaats van drie jonge vrouwen die enkele tientallen meters achter ons aanlopen. Op hun hoofden dragen zij de kruiken waarin zij, ergens dan toch, water hebben weten te verzamelen.
Ze hebben lol, de meiden. Hun plezier betreft niet alleen elkaar, maar zeker ook die twee zwoegende blanken, die van niets naar nergens op weg zijn en steeds meer gebogen lijken te gaan onder het aanzwellende natuurgeweld.
Zij zijn bijna thuis. Wij nog lang niet.
Nog een paar honderd meter en de eerste omheining rond het dorp is bereikt. Een afstand van niets, maar meer dan genoeg om ons, als de bui losbarst en vette druppels veranderen in striemen van water, tot op de laatste vezels kleddernat te maken. Het kan eigenlijk niet, maar het gebeurt toch: we beginnen te rennen, we zoeken onderdak.
Maar bij wie? Als onaangekondigde gasten, bezoekers uit een vreemde wereld, kunnen we niet zomaar een hut binnenrennen om te schuilen. Onze gidsen komen weliswaar uit Tsjaad, maar zijn hier duidelijk al even onbekend. We zijn overgeleverd aan een hoosbui; in de laatste schemer zien we de woestijn in een modderpoel veranderen.
De nood is hoog. Zo althans lijkt het toch. En ja, de redding is dan ook nabij. Uit het ogenschijnlijke niets komt een vrouw tevoorschijn. Met grote, felle ogen kijkt zij ons aan. Wat denken wij hier wel te komen doen? Nog voordat wij een antwoord kunnen verzinnen, geeft zij het zelf: Zijn we nu helemaal gek geworden? Meekomen! Haar hut in, en snel ook.
We buigen het hoofd en lichaam om door de ingang te kruipen en komen in de cirkel van haar warmte terecht. In de hut, zo valt net te zien door de vlam in het houtvuur onder haar kookpot, woont niet alleen de vrouw, maar zijn ook haar drie jonge kinderen naar binnen gekomen. Het trio zit op een gevlochten bed en kijkt het plotse bezoek met licht verschrikte gezichten aan.
De moeder stelt hen gerust. Het is goed zo. Sprekend in een taal die wij niet verstaan, maar vooral ook met haar gebaren en haar glimlach, maakt zij zowel haar kroost als ons duidelijk dat we bijzonder welkom zijn. Sterker nog, het lijkt wel alsof ze jaren naar onze komst heeft uitgezien. Eindelijk dan, daar zijn we.
De kookpot gaat onmiddellijk van het vuur om plaats te maken voor een keteltje met water. In de rieten hut waar niets te vinden lijkt, tovert zij glaasjes te voorschijn. Achter zich grijpt zij in het donker naar een zak, en nog een zak. Als het water kookt, vult zij de glazen: tweederde thee, eenderde suiker.
Het smaakt als champagne, zo proberen wij haar naar waarheid duidelijk te maken. Zij wijst met een vinger naar de buitenkant van haar hut: die regen zal niet snel voorbijtrekken en dus blijven wij haar gast. Alle tijd dan ook om, met behulp van onze vertalende gidsen, elkaar verhalen te vertellen.
De ketel maakt weer plaats voor de kookpot. Het avondeten, waarmee zij al een poosje bezig was, zal die dag door ons gegeten worden, zo houdt zij ons voor. We protesteren. Dit kan niet. We wijzen naar haar kinderen: zij moeten groeien, sterk worden, even sterk als hun moeder, die jonge weduwe, die vrouw die uit Sudan is gevlucht en haar man ergens in de eindeloze vlaktes voor altijd is kwijtgeraakt.
Verontwaardiging is ons deel. Maar heus, wij hebben de grenzen van haar gastvrijheid al ver overschreden. De regen is inmiddels opgehouden en de dorpsoudste, die van onze komst heeft gehoord, verwacht ons buiten op zijn matten, voor nog meer koppen thee.
Ze schudt het hoofd; we weten niet wat we missen.
Die nacht slapen we buiten, onder een dan heldere hemel. De volgende ochtend, als de paarden worden gezadeld voor het vervolg van onze tocht, komen we de vrouw nog één keer tegen. Haar glimlach reist met ons mee.
Er zijn nog geen reacties op deze bijdrage.
Zomer in Noorwegen: Doen!Noorwegen voor levensgenieters: ontdek het, beleef het! Meer info. |
![]() |
Quebradaada de Humahuaca - Vrouwen met zakken cement verzamelen zich aan de grens tussen...
Istanbul - Het is begin mei 2002 en ik reis vanuit mijn woonplaats Samos de...
Restaurant Het Heimwee - Waar eten we? Restaurant Het Heimwee in Nijmegen. Waarom?...
Ibiza-stad - Voor 2010 zijn deze twee nachten voor ieder een must. USHUAIA en...
Uruzgan - Civiel leider Michel Rentenaar viert Kerst met de Task Force in...
San Diego, Californie - Bobsleeër Sybren Jansma (27) bereidt zich in de Californische zon...
Vancouver - Voorzitter van NOC*NSF Erica Terpstra (66) kan zelf wel een Terpje...
Chisinau - Operazangeres Annemarie Kremer repeteert in Moldavië voor Norma....
Rusland - Welke ontmoeting in de trein was zo speciaal dat je die nooit meer zal...
Duitsland - Sta je niet graag op de latten en trek je liever wandelschoenen aan,...
Bali - Waar kun je het beste naar toe als je Kerst wilt ontvluchten? Waar...
Iran - Hoe reis je als vrouw alleen het beste rond in minder...