Drunen Geertruidenberg

door kees_volkers op donderdag 28 juni 2007

Waalwijk, Nederland op zaterdag 13 oktober 2001

Bron: redactie
spoorwegen Musea bruggen

 

Wie bij Drunen het fietspad oprijdt ziet al snel de gestalte van de Hertogin van Brabant opdoemen, een beltmolen uit 1838. De Hertogin ziet er afgetakeld uit, wat misschien geen wonder is met een 'bourgondische feesterij' onder je rokken. Tegenover de molen staat de oude wachtpost nr. 30. Het wachtpostnummer is overgeschilderd met lelijke bruine verf, de bewoner wil er blijkbaar niets van weten. Tot 1927 was hier de halte Baardwijksche Overlaat.


De Baardwijksche Overlaat is wat we nu een retentiebekken zouden noemen: een laag gebied waarin het overtollige water van Maas, Aa en Dommel kon wegstromen. De overlaat was 800 meter breed en werd overspannen door een brug op 52 pijlers. Na de Tweede Wereldoorlog is een deel van de brug vervangen door een dijk. Restanten van de brug overspannen bij Drunen nog twee lokale wegen, en aan Waalwijkse kant het nieuwe afwateringskanaal. Die laatste brug telt nog altijd tien overspanningen.


Bij Waalwijkse kant wordt de fietser van de spoordijk af geleid. Laat je daardoor echter niet afschrikken, want óp de dijk, overwoekerd door het struikgewas, ligt nog een origineel stuk Halve Zolenspoor! Over een smal pad kunnen de rails worden gevolgd.


In Waalwijk zelf gaat het spoor over in een grastalud. Van het Waalwijkse station resteert weinig meer dan een restant van een loswal, een kasseienstrook en wat onduidelijk groen op de fundamenten van het stationsgebouw. Halte Hondenplee, parkeerplaats voor wrakke auto's en illegale vuilstort: een roemloos einde. In de Stationsstraat daarentegen staan nog fraaie gevels van de Waalwijksche Chroomlederfabriek en de Koninklijke Stoomschoenenfabriek. Iets verderop, ter hoogte van wachtpost 25, ligt in een moderne hal het Leer- en Schoenenmuseum. De schoen wint het duidelijk van de spoorweg.


Vele wegen kruisen het Halve Zolenpad tussen Waalwijk en Waspik en bij vrijwel iedere kruising was een halte. Kaatsheuvel-Capelle had zelfs een station; wie goed kijkt ziet de lage perronrand langs het fietspad liggen. De dienstwoning van Capelle-Nieuwe-Vaart ziet er nog perfect onderhouden uit, beter dan die van Vrouwkensvaart, maar die laatste is toch wel favoriet, vanwege de naam natuurlijk, en de mooie eenzame ligging.


De wachtposten langs de Halve Zolenlijn zijn al een halve eeuw buiten dienst. Wat opvalt is dat de oude wachtpostnummers in bijna alle gevallen zijn weggepoetst of overgeschilderd. Langs Amersfoort-Kesteren daarentegen hebben de meeste bewoners het oude cijfer weer op de gevel geschilderd. Zouden calvinisten een beter ontwikkeld historisch besef hebben dan katholieken?


In Waspik is het stationsemplacement in gebruik als ponyweide. Blijkbaar gedijen pony's goed op oude spoorlijnen. Het station Waspik-'s Gravenmoer is afgebroken, maar de stationslaan met de esdoorns en het ijzeren hekwerk rond het emplacement zien er nog net zo uit als op een foto van honderd jaar geleden. Hier eindigt het Halve Zolenpad en loopt de spoorbaan verder als een kaalgeschoren dijkje door het boerenland.


In Raamsdonk is het haltegebouwtje verrassend goed bewaard. Het witte bord met de spoorwegafkorting Rk hangt gepoetst aan de gevel en het koolasperronnetje ligt er nog. Eindelijk iemand die het verleden niet verloochent. En kijk, tussen de kinderkopjes liggen nog resten van een zijspoor, waarop zowaar een oude 'sik', de locomotor 308, staat weg te roesten. Ongetwijfeld was het binnenrijden van Raamsdonk een mooi moment, met die enorme St. Bavokerk, die de begraasde spoordijk nog steeds lijkt te bewaken. Die spoordijk wordt nu twee keer doorsneden door een autosnelweg. In Raamsdonksveer is de dijk zelfs grotendeels weggegraven of niet toegankelijk: 'Het is uw hond, maar mijn tuin' staat er dreigend op een bordje. De halte Raamsdonksveer lag aan de Keizersdijk, de oude Napoleonsweg naar Breda.


Vlak voor de brug over de Donge staat nog een oud dienstgebouw. Bij wijze van eerbetoon hebben de bewoners een stukje ballastbed in de tuin opgeworpen. De spoorbrug zelf, gebouwd in 1885, is al dertig jaar buiten dienst. Op de stenen landhoofden groeien bomen, de gehavende brugpijlers zijn een bolwerk voor duiven. De dubbelsporige draaibrug is vastgeroest in geopende stand. Aan de kant van Geertruidenberg ligt nog één deel van de ijzeren vakwerkbrug. Al met al vormt de oude brug, met de hellingen van scheepswerf De Donge op de achtergrond, een mooi industrieel archeologisch tafereel. Laten liggen zo, niet opruimen!


Aan de overkant van de Donge ligt het vestingstadje Geertruidenberg. Een deel van de vestinggracht moest worden opgeofferd voor het nieuwe station. Dat station is intussen allang weer afgebroken. Er loopt nu een brede weg. De vooruitgang is niet tegen te houden.

Reacties

Er zijn nog geen reacties op deze bijdrage.

Schrijf een reactie

plaats reactie

Je bent bij het reisdagboek van:

icon kees_volkers
kees_volkers heeft 20 artikelen geschreven.
 
Abonneer op nieuwe verhalen via e-mail of rss of stuur kees_volkers een bericht.

Advertenties

Zomer in Noorwegen: Doen!


Noorwegen voor levensgenieters: ontdek het, beleef het! Meer info.

Best gelezen artikelen

BN'ers op reis: Waar zit je?

Tips voor op reis