Kleurrijk Rajastan: De Roze Stad

door Elfa op dinsdag 30 december 2008

Jaipur, India

klik voor een grotere foto
klik voor een grotere foto
klik voor een grotere foto
klik voor een grotere foto
klik voor een grotere foto
klik voor een grotere foto
klik voor een grotere foto
klik voor een grotere foto
klik voor een grotere foto
India rajastan jaipur nahargarh fort apentempel verkopers

 

Kleuren, geuren, tulbanden, rinkelende sieraden, kamelen, kruiden, bergen en woestijn: dat is Rajastan. Deze noordoostelijke Indiase staat is het land van de Rajputs, een kaste van rivaliserende krijgers die hier de dienst uitmaakten totdat het gebied in de zestiende eeuw onder Moegoelse invloed kwam.

 

De geschiedenis van strijd is terug te zien in de prachtige, metershoge forten die boven de steden uitrijzen, prestigieuze paleizen en de duidelijke individuele karakters van verschillende plaatsen, terwijl de Moegoelse heersers een Islamitische stempel op het gebied hebben gedrukt.

 

Helaas moet ik mijn bezoek aan deze enorme staat tot anderhalve week beperken en ik hou het daarom bij vier plaatsen: de ‘Roze Stad’ Jaipur, de ‘Blauwe Stad’ Jodhpur, de ‘Gouden Stad’ Jaisalmer en de ‘Paleisstad’ Udaipur.

 

 

De Roze Stad

 

Ik kom binnen in Jaipur, ongeveer vijf uur met de trein vanuit Agra. De oude stad, roze genoemd vanwege de kleur van het bouwmateriaal, is een stoffige chaos van winkels en fietsriksja’s. Ik besluit zonder haast en zonder doel rond te lopen, maar dat valt nog niet mee. Het leger van riksjachauffeurs en verkopers is de meest hardnekkige die ik tot nu toe in India heb meegemaakt en ik wordt geen seconde met rust gelaten. De pogingen die ik doe om onder het motto van een open blik een gesprek met een Indiër aan te gaan lopen stuk voor stuk uit op een verkooppoging.

 

Dit verandert gelukkig als ik besluit om richting het Nahargarh Fort te lopen, dat ik in de verte op een heuvel boven de stad zie liggen. Terwijl de bebouwing zijn roze kleur verliest, veranderen de rechte straten in smalle, kronkelende steegjes en de verkopers maken plaats voor een groeiende groep kinderen die me giechelend volgen en onder luid ‘Yes!’ en ‘No!’ geroep duidelijk maken welke richting ik op moet. En daar willen ze slechts ‘one photo’ en ‘one schoolpen’ voor terug.

 

Bij de rand van de heuvel blijven ze staan en nog altijd giechelend zwaaien ze me uit, terwijl ik de vrijwel lege kronkelweg richting het fort afloop. Het fort kronkelt over de heuvels en biedt van verschillende kanten een prachtig uitzicht. Er is bijna niemand en in stilte bekijk ik de drukke stad van bovenaf.

 

Dit is ook mogelijk vanaf een heuvel aan de andere kant van de stad, die naar de Tempel van de Zonnegod, ook wel de Apentempel genoemd, leidt. Het pad naar boven, dat wordt bevolkt door aapjes en koeien, splits in het midden in een pad dat naar een klein tempeltje op de top leidt en een pad dat naar de vallei met de Apentempel leidt.

 

Onderweg naar het tempeltje op de top, vanwaar het uitzicht over Jaipur weer prachtig is, wordt ik achtervolgd door een jongen die een praatje probeert aan te knopen. Inmiddels vervelend achterdochtig vraag ik of hij soms een gids is, en dus geld probeert te verdienen, maar hij stelt me gerust door te zeggen dat hij student is en Engels wil leren. Maar na een tijdje loopt het gesprek dood en hij begint me dingen te vertellen die ik al weet. ‘Ganesh’, wijzend naar een beeld van de olifantengod. ‘No shoes allowed in the temple’, op een wijze toon als we het tempeltje in gaan. ‘Its called the Pink City’, als ik van het uitzicht probeer te genieten. En ja hoor, als ik terug bij de splitsing van hem af probeer te komen beweert hij dat ik zonder hem nooit de weg had gevonden en dat hij dus wel wat geld heeft verdiend.

 

De Apentempel doet zijn naam eer aan: tientallen apen zitten op de muren en de grond rond het water in het oude gebouw dat staat ingeklemd tussen de rotsen. Op de smalle trap die langs de tempel naar beneden loopt ligt het vol met etensresten en vliegen, terwijl vrouwen in de meest kleurrijke sari’s sieraden verkopen. Vrouwen baden in het hoger gelegen ondiepe water, met sari en al, terwijl jongens in hun onderbroek vanaf een hoge rots in het diepe gedeelte het water in duiken.

 

Het mooie gebouw dat één lijkt te worden met het omliggende gebergte en de felle kleuren die erom heen krioelen is een van de meest indrukwekkende taferelen die ik tot nu toe in India heb gezien. Onderaan de trap blijf ik nog even zitten om ervan te genieten.

 

Als ik over het pad terug omhoog naar de splitsing loop zie ik man in het oranje op een kleedje koopwaar op de rand van een rots zitten. Met mijn camera in de aanslag kijk ik hem even aan en hij knikt ter goedkeuring. Maar als ik verder wil lopen begint hij ‘money, money’ te roepen. Ik vertel hem dat ik met tientallen Indiërs op de foto ben geweest en daar nooit geld voor in rekening heb gebracht, en dat ik vind dat ik daar best wat foto’s voor terug mag. Hij kijkt me niet begrijpend aan. Money is waarschijnlijk het enige woord dat hij kent in het Engels.

 

In Jaipur, mijn eerste kennismaking met Rajastan, heb ik door de vele fietsriksja’s, de felle kleuren en het gebrek aan Engels op de vele borden op straat veel meer dan in Chennai het gevoel in het India dat ik ken van de verhalen en foto’s te zijn. Maar de vriendelijke, gastvrije Indiër van deze verhalen is hier moeilijk te vinden. Niets is gratis in deze stad.

Reacties

Er zijn nog geen reacties op deze bijdrage.

Schrijf een reactie

plaats reactie

Je bent bij het reisdagboek van:

icon Elfa
Elfa heeft 32 artikelen en 1 tip geschreven.
 
Naar de voorpagina van dit reisverslag:
indiansummer.volkskrantreizen.nl
 
Abonneer op nieuwe verhalen via e-mail of rss of stuur Elfa een bericht.
 
Wonen, werken en leven in Chennai

Vrienden van Elfa

iconicon

Advertenties

Zomer in Noorwegen: Doen!


Noorwegen voor levensgenieters: ontdek het, beleef het! Meer info.

Best gelezen artikelen

BN'ers op reis: Waar zit je?

Tips voor op reis