Peru
De nachttrein van Puno naar Arequipa staat bekend als een mooie, maar gevaarlijke treinreis. De kans beroofd of bestolen te worden was volgens zeggen bijna honderd percent. Het alternatief, met de auto over een bergketen waar het Lichtend Pad de lakens uitdeelt. De groep waarmee wij drie maanden door Zuid-Amerika reisden besloot eenstemmig om de treinreis te nemen. De afspraak was om een soort nachtwake in te stellen. Zeven koppels werden er gevormd en die zouden tijdens de nachtelijke reis bij toerbeurt waken over onze spullen. Uit voorzorg werd de bagage met een slot aan een vast deel van de coupe gekoppeld. Voor het vertrek werd er nog een biertje gedronken op de goed afloop. In de eerste uren ging het prima. Iedereen is nog fris en wakker. Even na tien uur rolden de Peruanen hun deken of matras uit in het gangpad en gingen plat. Voor ons het teken om ook plat te gaan, maar wel met de gedachte in het achterhoofd dat het niet pluis was in de trein. Dat slaapt niet lekker. Wij waren om vier in de ochtend aan de beurt. In de tussenliggende uren sliep je wel maar onrustig. Van elke beweging werd je wakker. Zo tegen tweeën gebeurde dat weer en wij kwamen tot de ontdekking dat wij de enige waren die de ogen open hadden. Die hebben we de rest van de nacht dan ook maar open gehouden. Tegen zonsopkomst kwam iedereen weer bij en we moesten concluderen dat we of grote mazzel hadden gehad of dat de verhalen over bestelen en berovingen overdreven waren. Het zal vast wel voorkomen, maar zulke verhalen gaan een eigen leven leiden en worden vaak flink aangedikt. Laat ik het daar maar op houden.
Wim van Brink